Het Orgel

Korte beschrijving van het orgel in de Dorpskerk
Het instrument werd gebouwd door Jacobus Zeemans uit Breda en
werd op 3 november 1720 in gebruik genomen.
Het orgel bezat oorspronkelijk anderhalf klavier; de registers waren gedeeld en
bezat 1294 pijpen.
De firma Lohman heeft in 1839 een ingrijpende restauratie uitgevoerd;
Bas- en diskantverdeling kwam te vervallen; de omvang van het pedaal was
aangehangen .
De orgelkas wordt in 1913 uitgebreid Bik uit Leiden.
Tussen 1720 en 1839 werkten aan het instrument:
R. Garrels; P. Assendelft; Joh.Mitterreitner; J. Reichner en C. Hagedoorn
De laatste restauratie aan het orgel stamt uit 1953 en werd uitgevoerd door W.
van Leeuwen uit Leiderdorp.
In 2002 is het pijpwerk schoongemaakt en geherintoneerd door Gert van Buuren uit Heukelum. Het orgel is ongelijkzwevend gestemd.
De huidige dispositie is:
| Hoofdwerk | Positief | Pedaal |
| Prestant 8' | Holpijp 8' | Subbas 16' |
| Roerfluit 8' | Prestant 4' | Prestant 8' |
| Octaaf 4' | Roerfluit 4' | |
| Fluit 4' | Woudfluit 2' | Koppels |
| Nasard 3' | Quint 1 1/3 | Koppel Positief aan Hoofdwerk |
| Octaaf 2' | Scherp 2-3 st | Koppel Positief aan Pedaal |
| Mixtuur 5-6 st | Dulciaan 8' | Koppel Hoofdwerk aan Pedaal |
| Sesquialter 2 st | Tremulant op Positief | |
| Trompet 8' |
Orgelconcerten:
In de dorpskerk worden al sinds jaren orgelconcerten georganiseerd, een
vaste traditie zijn in de maand september de zogenaamde orgelbeiaardconcerten.