Nieuws:

Vijfentwintig blokfluitisten geven verrassend en grensverleggend concert


Netty Lalieu

Stichting Cultureel Gebruik Dorpskerk weet opnieuw publiek te boeien

VOORSCHOTEN – Blokfluitensemble Praetorius heeft al een aantal muziektheaterproducties op haar naam staan. Vrijdagavond speelde zij in de Dorpskerk werken uit de productie ‘Les Hollandais Volants’. Met oude en moderne muziek van Nederlandse componisten zoals Cornelis Schuyt en Jan Pieterszn. Sweelinck wist zij het publiek van begin tot eind te boeien.

Blokfluiten, wie kent ze niet. Het was en is het muziekinstrument bij uitstek als het gaat om de eerste beginselen van muziekonderwijs op de muziekscholen. Klassikaal werden de meest eenvoudige melodietjes geoefend. Vaak was dit de manier om de a-muzikale mensen eruit te filteren. Slechts enkelen zetten echt door, zo ook de vergevorderde leerlingen van blokfluitdocent en didacticus Piet Kunst van Streekmuziekschool Leiden en omstreken. Hij formeerde in 1963 een dubbelkwartet, zoon Norbert dirigeert momenteel het blokfluitensemble dat is uitgegroeid tot ruim vijfentwintig mensen die allen meerdere typen blokfluiten bespelen.

Vol trots kondigde de voorzitter van de Stichting Cultureel Gebruik Dorpskerk, Boshouwer Kroet, het blokfluitgezelschap aan. Hij verwees naar de inmiddels internationale faam van het gezelschap door concertreizen naar onder andere Canada, België en Duitsland. In het najaar vertrekken zij naar Azië.

Even daarna snelden de blokfluitisten, met minstens twee of meerdere fluiten in de hand, naar het podium om te beginnen met het werk Fantasia Cromatica van compositie- en orgelpedagoog Jan Pieterszn. Sweelinck, hij verkreeg internationale bekendheid door zijn vocale en instrumentale composities.

Het blokfluitensemble speelt veel werken uit de renaissance en baroktijd, om in de verschillende registers te kunnen spelen zijn alle typen fluiten nodig, zowel de hoge – sopraan, alt, tenor, bas – als ook de lage registers – tenor, basgrootbas, contrabas, subcontrabas.

Arrangementen

In het Concerto C-dur van Christian Friedrich Ruppe kwam het oorspronkelijke orgelwerk zeer goed tot zijn recht doordat alle registers vertegenwoordigd waren. Hoewel het oorspronkelijke orgelwerk niet bewaard was gebleven, alleen slechts een orgelpartij en orkestpartij, heeft Kunst dit stuk prachtig gearrangeerd naar het blokfluitensemble.

Ruppe was in Leiden zeer actief geweest onder andere als muziekdocent in het weeshuis, hij stichtte er het eerste weeskoor en hij schreef orgelwerken voor de Lutherse kerk.

Zowel de muziek van Ruppe als ook van Johan Christian Schickhardt werd vertolkt op barok-instrumenten. Ook het Concerto g-moll van Schickhardt was omgezet voor het blokfluitensemble. Hierin mag zeker de prachtig vertolkte solopartij niet ongenoemd blijven.

De knappe speelwijze van alle blokfluitisten en de steeds wisselende bezettingen verraadden de kundigheid van deze groep. De klankkleur bleek bijzonder goed gekozen: weinig sopraanblokfluiten waardoor geen schelle tonen ontstaan terwijl de onderliggende registers rijkelijk waren vertegenwoordigd.

CD-opname

Op het programma ook twee stukken van Leidenaar Cornelis Floriszn. Schuyt. Als organist van de Pieterskerk schreef hij naast orgelmuziek ook voor vocalisten en hij componeerde dansmuziek met

Venetiaanse stijlelementen, weliswaar gestileerd maar heerlijk om naar te  luisteen.

Naast bewerkingen van muziek, geeft het blokfluitensemble ook hedendaagse componisten compositieopdrachten. Sascha Zamler-Carhart, student compositie aan het Haags conservatorium, schreef ‘Een venus dierken heb ik uutverkoren’, afkomstig uit de renaissancetijd. Daarom ook bespeelden de blokfluitisten renaissance-instrumeten. Er klonken  veelvuldige overvloeiende delen volgens het principe van de Retorica. Maar daarnaast waren ook de klanken van deze tijd hoorbaar.

Het orkest eindigde opnieuw met Sweelinck, een mooie afsluiting met ‘Mein junges Leben hat ein End’.

Na een succesvol optreden liet dirigent Norbert Kunst weten dat het ensemble druk bezig is met de opname van een CD met werken van de tijdgenoten Sweelinck en Schuyt, waarvoor alvast kon worden ingetekend.